Minister Wiebes kondigt in zijn brief aan de Tweede Kamer van 15 juni 2018 aan hoe hij het stimuleringsbeleid voor lokale hernieuwbare elektriciteitsproductie wil vormgeven. In de brief bespreekt hij verschillende regelingen en aanpassingen van het huidige beleid, waaronder de salderingsregeling, de postcoderoosregeling en een ontwikkelfonds voor coöperaties.

Minister Wiebes werkt aan een nieuwe subsidieregeling voor huishoudens en bedrijven die zelf duurzame elektriciteit opwekken. De nieuwe regeling richt zich behalve op de stimulering van zonne-energie, ook op andere hernieuwbare energiebronnen zoals windenergie. Het uitgangspunt bij de nieuwe regeling is een gemiddelde terugverdientijd van circa zeven jaar. Dat schrijft minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat in een brief aan de Tweede Kamer.

De terugleversubsidie is een vergoeding voor de stroom die aan het elektriciteitsnet wordt teruggeleverd. De opgewekte stroom zelf verbruiken blijft aantrekkelijk, omdat huishoudens en bedrijven hierover ook na 2020 geen energiebelasting en geen ODE (Opslag Duurzame Energie) betalen. In 2020 vervangt de regeling de huidige salderingsregeling, waarbij jaarlijks van tevoren een subsidieplafond zou worden vastgesteld. Voor gebruikers van de salderingsregeling komt er een soepele overgang.

Wiebes onderzoekt of ook grotere gebouwen - zoals scholen of kantoren - in de regeling kunnen worden opgenomen. Deze gebouwen verschillen in de omvang van hun opweksystemen, maar ook in hun energieverbruikstarieven. De minister kijkt hoe de regeling deze groep goed kan bedienen zonder dat de regeling te ingewikkeld wordt. Verder onderzoekt hij of de postcoderoosregeling voor ondersteuning van energiecoöperaties kan overgaan in een terugleversubsidie.

De minister wil het voorstel voor de nieuwe terugleversubsidie deze zomer gereed hebben.

De brief van Wiebes is te lezen via deze link